Veelgestelde vragen

Ik heb een vraag of klacht over geluid. Waar kan ik terecht?

In eerste instantie kunt u het beste contact opnemen met ProRail Publiekscontacten. We proberen altijd tot een goed antwoord te komen, of tot een acceptabele oplossing. Al kan de ervaren hinder of overlast niet altijd worden opgelost.
Een formeel verzoek om handhaving van regels doet u bij de instantie die daar over gaat (het ‘bevoegd gezag’):

  • De Inspectie voor Leefomgeving en Transport, voor de naleving van de geluidproductieplafonds.
  • De gemeente, voor de naleving van de voorschriften van de Omgevingsvergunning Milieu.

Doet u uw verzoek niet direct bij de juiste instantie? Dan moet die instantie uw verzoek dóórgeven aan de juiste instantie. Dat hoeft u in principe niet zelf te doen.

Waarom berekenen we de geluidsproductie (in plaats van het te meten)?

De belangrijkste reden om geluid vooral te berékenen, is dat we met metingen geen voorspellingen kunnen doen. Het geluidseffect van veranderingen – bijvoorbeeld aan de infrastructuur of de dienstregeling - kunnen we dus alleen berekenen. Geluidsmetingen gebruiken we soms wel om achteraf te controleren of de uitgangspunten van de berekeningen correct waren.

Wat is een geluidproductieplafond (gpp)?

Geluidproductieplafonds (gpp’s) stellen een heldere grens aan de toelaatbare hoeveelheid geluid en voorkomen een onbelemmerde groei van geluid door toenemend verkeer. Voor zowel de weg als het spoor zijn gpp’s vastgesteld. We beperken ons hier tot het spoor.

Gpp’s: berekenen, niet meten
Gpp’s zijn vastgesteld door het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het zijn maximaal toegestane waarden voor de gemiddelde geluidwaarde van een kalenderjaar, op referentiepunten aan weerszijden van het spoor op 50 meter afstand, 100 meter uit elkaar en op 4 meter hoogte. Dit zijn geen fysieke punten, maar ruim 57.000 (virtuele) punten in een digitaal rekenmodel. Dit model is in 2012 opgesteld door het ministerie van Infrastructuur en Milieu. De geluidproductie wordt dus berekend, en niet gemeten.

Gpp’s: alleen doorgaand verkeer op de vrije baan
Gpp’s gaan alleen over geluid van doorgaand treinverkeer op de vrije baan. Alle andere soorten geluid die door treinen worden veroorzaakt, vallen hier dus buiten en zijn dus ook niet op deze manier te controleren.

Waar staat welke MJPG-maatregelen worden uitgevoerd, en wanneer?

Stel: u wilt weten of en wanneer er in uw gemeente geluidsmaatregelen komen. Dan wilt u het saneringsplan inzien dat (ook) gaat over uw gemeente. Alle MJPG-saneringsplannen staan op de website van Bureau Sanering Verkeerslawaai (BSV). Zowel de plannen die al vaststaan, als de plannen waarover nog besloten moet worden. Die liggen dan eerst ter inzage. Bij de betreffende gemeente(n), en ook in de lokale media.

Als het saneringsplan voor een gemeente bekend is, dan moet de staatssecretaris besluiten of het mag doorgaan (‘vaststellen’). Maar: eerst wordt het plan voor iedereen ter inzage gelegd (samen met het ontwerpbesluit). Dat doet het Bureau Sanering Verkeerslawaai (BSV) – namens het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Ook publiceert het BSV het plan in de lokale media. In de buurtkrant bijvoorbeeld.

Wilt u weten hoeveel geluid het treinverkeer maakt? Op www.geluidregisterspoor.nl is de geluidkaart hoofdspoorwegen te vinden. Dit is een kaart van Nederland waarop de kleur rond hoofdspoorwegen laat zien hoeveel spoorgeluid omwonenden horen.

Wat is het MJPG (Meerjarenprogramma Geluidsanering)?

Het MJPG is onderdeel van het MIRT (Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport), van de rijksoverheid. Doel van het MJPG is: het uitvoeren van geluidsverminderende maatregelen voor zogeheten ‘geluidsgevoelige objecten’. Dat zijn langs het spoor:

  • woningen met een geluidbelasting op de gevel boven de 70 dB;
  • woningen met een geluidbelasting op de gevel hoger dan 65 dB die door de gemeente al voor 2007 voor geluidsanering zijn aangemeld bij het ministerie van Infrastructuur & Milieu (voorheen VROM);
  • woningen waar de geluidhinder sinds 1986 zeer sterk (meer dan 5 dB) is toegenomen. Dit geldt alleen voor woningen langs een beperkt aantal – al vastgestelde – spoorlijnen.

Voor die woningen moeten er maatregelen komen, in ‘saneringsplannen’ voor het MJPG. ProRail is verantwoordelijk voor het maken en indienen van de saneringsplannen bij het ministerie. Zij beslissen dan welke plannen worden uitgevoerd, in welke volgorde en wanneer. ProRail voert de maatregelen uit.
 

Hoe komt het dat trillingen steeds anders voelbaar zijn?

Of en in welke mate een trilling voelbaar is, hangt af van veel factoren. Allereerst van de trein zelf. Hoe hard rijdt de trein, hoe rond zijn de wielen, hoe zwaar is de trein, moet de trein stoppen enzovoort. Naast de trein is het spoor van invloed. Is er bijvoorbeeld een overgang naar een brug of een viaduct? Of  liggen er wissels op het tracé? Ten derde speelt de bodem een rol. In zandgrond planten trillingen zich anders voort dan in kleigrond. In Nederland verandert de samenstelling van de bodem soms om de paar meter. Ook de stand van het grondwaterpeil is van invloed. En bij trillingen in gebouwen speelt het gebouw zelf een rol. Oude gebouwen met houten vloeren kunnen trillingen bijvoorbeeld versterken. De staat van het onderhoud van het gebouw, de stijfheid van vloeren en wanden, en de afstand van het gebouw tot het spoor spelen een rol. 

Goederentreinen geven meer trillingen. Kan ProRail goederenvervoerders hier op aanspreken?

Nee, dat kan niet; ProRail heeft daar niet de juiste juridische middelen voor. We kunnen dus niet zeggen dat goederentreinen bijvoorbeeld meer overdag moeten rijden, in plaats van ’s nachts. Als spoorbeheerder kunnen wij alleen ingrijpen als de veiligheid op het spoor in gevaar is. Of als de wettelijke geluidproductieplafonds (gpp’s) dreigen te worden overschreden. Er zijn geen wettelijke normen voor trillingshinder. Daar kunnen we vervoerders dus niet op aanspreken. 

Wanneer kan ProRail maatregelen nemen bij trillingshinder door treinen?

Daarvoor hebben we geen duidelijk handvat; er is geen wetgeving of beleidsregel voor. Als er een melding binnenkomt, kijken we eerst of de melding gegrond is. Daarna kijkt ProRail, samen met de onderhoudsaannemer, naar het spoor. Voldoet het aan de gestelde eisen, kunnen we de situatie verbeteren? Is de veiligheid van het spoor in gevaar of is er achterstallig onderhoud? Dan kunnen we onderhoudsmaatregelen treffen. Wat kapot is, wordt gemaakt. Meestal verdwijnt de trillingshinder dan. Deels of helemaal. 

Trillingen kunnen ook komen door de treinen van vervoerders. Treinen met ‘vierkante wielen’ (ongelijk gesleten wielen) of zwaarbeladen treinen kunnen meer trillingen geven. ProRail kan daar echter niets aan doen. Zolang vervoerders zich houden aan de ‘gebruiksregels’ van het spoor, valt dat niet te voorkomen. Bovendien is ProRail geen handhavende instantie. Waar mogelijk, stimuleren we vervoerders om rekening te houden met eventuele trillingshinder door hun treinen.
 

Wat doen we bij klachten over trillingshinder?

Behalve schade kan er hinder voor mensen optreden door werkzaamheden of passerende treinen. Een bouwproject aan spoor of station kan trillingshinder opleveren.

Krijgen wij een klacht over hinder?

Dan neemt ProRail contact op met de aannemer. Want tijdens de bouw is de aannemer verantwoordelijk om eventuele trillingshinder zo goed mogelijk op te lossen. De klacht kan ook gaan over trillingshinder door passerende treinen. Voor trillingen door passerende treinen is er nu geen wetgeving. Ook beleidsregels ontbreken. Daardoor kunnen wij niet ingrijpen in de dienstregeling, of de snelheid van treinen veranderen. Maar neemt u toch vooral contact op met Publiekscontacten van ProRail. In een aantal situaties kunnen we de hinder namelijk wel aanpakken. Bijvoorbeeld als de staat van de infrastructuur leidt tot overmatige trillingen. Oplossingen zijn in deze situatie echt maatwerk. Het lukt zeker niet altijd om een oplossing te vinden.

Wat doet ProRail bij meldingen van schade door trillingen?

Tijdens een bouwproject kan er schade ontstaan aan nabijgelegen gebouwen. Een scheur in de muur bijvoorbeeld.

Wordt er schade gemeld?

Dan bekijkt ProRail eerst of die schade mogelijk komt door een bouwproject aan het spoor of station. Zo ja, dan kunnen gedupeerden via ProRail een schadeclaim indienen bij de aannemer. Want voor zulke schade is de aannemer verantwoordelijk. De formulieren voor een schadeclaim vraagt u op bij Publiekscontacten van ProRail. Wij zorgen vervolgens dat de claim terechtkomt bij de aannemer. 

Is er schade geconstateerd die mogelijk is ontstaan door het voorbijrijden van treinen? Dan volgen we het schadeprotocol dat is opgesteld door TNO. Hiermee kunnen we vaststellen hoe groot de kans is dat de schade inderdaad komt door treinverkeer. Is daar een duidelijk vermoeden van, dan worden op onze kosten metingen gedaan. Het komt overigens zelden voor dat het spoorgebruik aantoonbaar bijdraagt aan schade.
 

Waarom toeteren treinen soms bij overwegen?

Treinen toeteren altijd voor de veiligheid. Meestal heeft het te maken met storingen. Een overweg is robuust en betrouwbaar maar soms werkt hij anders dan verwacht, bijvoorbeeld als de stroom uitvalt.

De overweg gaat dan altijd automatisch dicht (het fail safe systeem) voor de veiligheid. De treinen die de overweg passeren, toeteren dan om te waarschuwen dat ze eraan komen. Soms zijn er immers mensen die ongeduldig worden en dan bestaat de kans dat ze onder de spoorbomen door willen gaan.

Als de bomen langdurig dicht blijven door een storing dan gaat er een automatische melding naar de verkeersleidingspost. Machinisten krijgen dan de opdracht om langzaam te rijden en te toeteren om extra te waarschuwen.

Bekijk ook het filmpje over toeterende treinen bij overwegen:

Wanneer wordt 'mijn' station volledig toegankelijk voor reizigers met een functiebeperking?

De komende jaren worden veel stations aangepast, vooral regionale stations. In 2020 is 60 procent van de stations toegankelijk voor reizigers met een functiebeperking. In 2030 zijn alle stations volledig toegankelijk.

Waarom worden we over bepaalde werkzaamheden soms pas zo laat geïnformeerd?

Werk aan het spoor gebeurt vaak samen met andere werkzaamheden. Als de ene klus klaar is, kan met de andere worden begonnen. Vlot het werk, dan kunnen we eerder beginnen. Vaak zelfs een week eerder, als we in een weekend werken. Hierdoor weten we soms op het laatste moment pas wanneer we bepaalde werkzaamheden kunnen uitvoeren. Op dat moment kunnen we u duidelijke en concrete informatie geven. We proberen u verder altijd tijdig te informeren.

Mag ik met (bouw)werkzaamheden starten als ik niets van ProRail hoor?

Nee, u mag nooit zonder vergunning werken. Ook als ProRail niets heeft laten horen binnen de officiële behandelingstermijn. Informeer altijd eerst bij ProRail naar de status van uw vergunningaanvraag voordat u met uw werkzaamheden start. Natuurlijk proberen we alle aanvragen op tijd af te handelen en u op de hoogte te stellen.

Ik ben het niet eens met de beslissing van ProRail over mijn vergunning(aanvraag). Wat kan ik doen?

ProRail behandelt uw vergunningaanvraag namens de minister van Infrastructuur en Milieu. Dat betekent dat u bezwaar kunt maken als u het niet eens bent met een beslissing van ProRail.

Wilt u bezwaar maken, dan moet u dat schriftelijk doen, binnen zes weken na ontvangst van onze beslissing. In de brief met de beslissing leest u meer over bezwaar maken.

Wat zijn de afmetingen van het vergunningsgebied?

Het vergunningsgebied noemen we ook wel het ‘beperkingengebied’. Met daarin de ‘kernzone’, waar u altijd een vergunning nodig heeft. En daarnaast de ‘beschermingszone’, waar u óf een vergunning nodig heeft, óf een melding moet doen.

De afmetingen van het beperkingengebied:

  • Binnen 11 meter van een spoor op maaiveldniveau (gemeten vanaf het hart van het spoor)
  • Binnen 6 meter van een spoor op een talud (gemeten van de teen van het talud)
  • Binnen 6 meter van een spoor onder maaiveldniveau (gemeten van de kruin van het talud)
  • Binnen 30 meter van een bouwwerk bij het spoor. Zoals een onderdoorgang, tunnel of brug over het spoor.

Bekijk ook de afbeeldingen in bijlage I van de handleiding vergunningaanvraag (PDF).

Hoe verhelpt ProRail trillingsoverlast als gevolg van een mankement aan de spoorbaan?

We zijn verantwoordelijk voor het onderhoud van het spoor én de veilige berijdbaarheid. Mankementen aan de spoorbaan herstellen we altijd zo snel mogelijk. Daarmee stoppen ook eventuele trillingen als gevolg van dat mankement. 

Ik heb trillingsoverlast. Hoe weet ik of de trein te hard rijdt?

U kunt last hebben van trillingen van treinverkeer, maar dat kan niet komen door een trein die harder rijdt dan de toegestane snelheid (‘baanvaksnelheid’). Het Nederlandse spoorsysteem is uitgerust met Automatische Trein Beveiliging (ATB). Dit houdt in dat als de trein harder rijdt dan de toegestane baanvaksnelheid, de trein automatisch remt. 

De baanvaksnelheden worden bepaald door het ministerie van Infrastructuur en Milieu, ze staan in de Netverklaring.

Wat zijn de regels voor trillingen door treinverkeer?

Er zijn geen wettelijke normen voor trillingen door treinverkeer, zoals bij geluid. Wel is er de Beleidsregel voor Trillinghinder Spoor (BTS). Daarin staan onder meer de streefwaarden voor trillingen en de manier waarop de maximale sterkte van trillingen bij nieuwe spoorsituaties moet worden berekend. De Beleidsregel geeft ook aan welke gevallen  maatregelen nodig zijn om toename van trillingshinder te voorkomen. Dat kunnen maatregelen zijn aan onder meer het spoor of woningen.

Kan ProRail een gastles op mijn school geven?

Ja, scholen in het voortgezet onderwijs kunnen voor hun klassen een gratis gastles aanvragen. Tijdens deze les staat de gastdocent met de leerlingen stil bij hun eigen gedrag, aan de hand van krantenberichten en filmpjes. U kunt een gastles aanvragen op www.pazzup.nl.