Goederenvervoer

Van alle goederen die over het spoor vervoerd worden, is zo’n 10 procent ‘gevaarlijke stof’. Als deze stoffen vrijkomen, kan dat grote gevolgen voor de omgeving hebben. Daarom doen we er – samen met overheden en vervoerders – alles aan om de risico’s te beperken en het transport zo veilig mogelijk te maken.


Veiligheid voorop

ProRail, vervoerders en de overheid zijn samen verantwoordelijk voor veilig vervoer van gevaarlijke stoffen. Die verantwoordelijkheid nemen we heel serieus. Zeker als het gaat om transport door bebouwde gebieden. Want de kans op een ongeval is zeer klein, maar de gevolgen kunnen groot zijn.

Maatregelen voor veilig transport

Met de overheid (ministerie van Infrastructuur en Milieu, provincies en gemeenten), vervoerders, verladers en producenten maken we duidelijke afspraken over een zo veilig mogelijk transport. Bijvoorbeeld over de samenstelling van treinen: LPG-wagons en wagons met brandbare stoffen worden bijvoorbeeld minimaal 18 meter van elkaar gescheiden. Daardoor neemt het risico op een gaswolkontploffing sterk af. Ook weten we van iedere trein die op het spoor rijdt, precies welke inhoud in welke wagon zit. Zodat we dat bij een calamiteit snel aan de hulpdiensten kunnen doorgeven.

Vervoerders en verladers kunnen bij de Servicedesk Basisnet van ProRail terecht met vragen over het vervoer en de routering van gevaarlijke stoffen over het spoor. De Servicedesk heeft ook een actieve rol in het benaderen van vervoerders van gevaarlijke stoffen om alternatieve routes te bespreken. Samen met de goederenvervoerders en verladers streven we ernaar het vervoer van gevaarlijke stoffen zoveel mogelijk via de Betuweroute te laten verlopen.

Landelijke afspraken: het Basisnet

Een belangrijke maatregel om de risico's voor de omgeving te beperken is het Basisnet voor het vervoer van gevaarlijke stoffen per spoor. Voor ieder traject waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd, is in de wet Basisnet een 'risicoplafond' vastgesteld. ProRail levert aan het ministerie gegevens over welke stoffen in welke aantallen op welk traject worden vervoerd. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu stelt hierover een rapportage op. Als de risico's op een traject boven het risicoplafond dreigen te komen, onderzoekt de minister of
er maatregelen kunnen worden genomen.

Meer informatie over Basisnet leest u in de folder 'Basisnet Vervoer en Gevaarlijke Stoffen' (pdf).

Gevaarlijke stoffen

Onder gevaarlijke stoffen verstaan we brandbare en giftige gassen en vloeistoffen. In diverse gradaties:

  • brandbare gassen (zoals LPG, propyleen, butadieën, ethyleenoxide)
  • toxische gassen (zoals ammoniak)
  • zeer toxische gassen (chloor)
  • zeer brandbare vloeistoffen (zoals benzine, aardgascondensaat)
  • toxische vloeistoffen (acrylnitril)
  • zeer toxische vloeistoffen (zoals fluorwaterstof, bromide)

De meeste van deze stoffen worden vervoerd in ketelwagens (inhoud 50 ton), of in ketelcontainers (inhoud 20 ton).