Wisselcolumn wethouder Wiebes Amsterdam: ‘New balls please’

Elke twee weken geven we via deze wisselcolumn mensen in het land de mogelijkheid om hun mening te geven over het spoor. We vragen ze een column te schrijven op onze website. Wat kan er beter? Maar ook: wat gaat er goed? Betty de Boer gaf twee weken geleden het stokje over aan Eric Wiebes, wethouder Verkeer Vervoer en Infrastructuur in Amsterdam. Zijn column leest u hieronder:
Amsterdam CS
Amsterdam CS

New balls please

Meer dan ooit is ProRail in de positie om het gebruik van het spoor te verbeteren. In het belang van de reiziger. ProRail moet dan wel haar rol van verdeler van de ruimte op het spoor en dienstregelingbewaker bewuster opeisen. Zoals de scheidsrechters op Wimbledon altijd zo mooi roepen: “New balls please!” Want er zijn nieuwe ballen nodig, en de wedstrijd om de reiziger vraagt een nieuwe start.

De komende twintig jaar zullen we de kansen op het spoor moeten zoeken in innovatie. Er zijn de afgelopen jaren al vele miljarden geïnvesteerd in het spoor. Veel geld om te investeren in nog meer infrastructuur is er simpelweg niet. En dat is ook niet nodig.

Het is tijd voor een nieuwe, innovatieve dienstregeling waarbij de infrastructuur optimaal benut wordt. De huidige combinatie van én punt-punt vervlochten rijden, én hoogfrequent rijden, én een tweetreinensysteem, én goederentreinen in de spits, zoals nu het geval is, is niet langer robuust.

Het is nu tijd te kiezen voor hogere frequenties in de spits, shuttle-achtig corridorrijden en ontvlechten. Ook moet het goederenvervoer buiten de spits plaatsvinden om op de bestaande infrastructuur voldoende capaciteit te creëren. Resultaat is meer mensen sneller op hun werk, en een robuuster OV-systeem dat minder storingsgevoelig is, ook bij vallende blaadjes en sneeuw. ProRail heeft niet alleen alle expertise voor deze veranderingen in huis, het behoort zelfs tot haar kerntaken om dit te realiseren. ProRail is de scheidsrechter op het spoor. Nu is dé kans voor ProRail om de spoorsector te innoveren.

En ProRail staat niet alleen. De G4, de provincies en stadsregio’s uit de Randstad willen precies deze kant op. Vorige maand stemden ze in met de richting van hoogfrequent, spoorboekloos rijden in de spits. Om spoorboekloos rijden in te voeren zijn 6 intercity’s en 6 sprinters per uur nodig op de belangrijkste corridors in de Randstad. Elke vleugel in de Randstad kiest een beperkt aantal stations (‘OV-poorten’) waar veel mensen werken en studeren en waar een snelle overstap is van trein op frequent en snel lokaal openbaar vervoer, zoals de metro en snelle trams. Zo komen mensen vanuit alle windrichtingen sneller op hun werk, universiteit en (hoge)school.

Voor Amsterdam zijn de OV-poorten de stations Zuid, Centraal Station Sloterdijk, Amstel en Bijlmer ArenA. Voor Rotterdam zijn het de stations Centraal en Blaak. Utrecht heeft het Centraal Station als OV-poort en verbindt Vaartsche Rijn en Bilthoven met hoogwaardige tram- en busverbindingen met de Uithof. Dit verbetert de bereikbaarheid van de Uithof en ontlast Centraal Station.

Deze omwenteling is aantrekkelijk voor reizigers die sneller van deur tot deur zijn met minder vertraging. De forens hoeft minder lang te wachten op stations, heeft geen spoorboekje meer nodig en is tot 20% minder reistijd kwijt. En in kortere tijd worden meer mensen vervoerd, wat een betere benutting van het OV betekent.
 
Het is nu aan ProRail om, als scheidsrechter te roepen om “new balls’. In het belang van de reiziger.
 
Eric Wiebes, Wethouder Verkeer Vervoer en Infrastructuur van de gemeente Amsterdam geeft de wisselcolumn door aan Alex Sheerazi, hoofd communicatie van de dienst Noord/Zuidlijn in Amsterdam en communicatieman van het jaar 2010.

Gepubliceerd op