Gebruiksvergoeding

Net zoals luchtvaartmaatschappijen voor het gebruik van een luchthaven betalen en binnenschippers betalen voor het gebruik van een haven, betalen spoorvervoerders voor het gebruik van het spoor. Vervoerders betalen aan ProRail een vergoeding voor bijvoorbeeld het gebruik van rails, bovenleiding, perrons en treinparkeerplaatsen. Bij het gebruik van het spoor speelt de zwaarte van een trein ook een rol. Zo is het tarief voor een zware goederentrein hoger dan het tarief voor een lichte reizigerstrein, omdat een zware goederentrein het spoor ook meer belast.

Gebruiksvergoeding

De tarieven voor de gebruiksvergoeding worden bepaald op basis van wet- en regelgeving (onder andere de spoorwetgeving) en Europese richtlijnen, want ook in andere Europese landen betalen vervoerders voor het gebruik van het spoor. ProRail brengt volgens deze wet- en regelgeving alleen de kosten in rekening, die rechtstreeks uit de exploitatie van een treindienst voortvloeien. Bij het vaststellen van de gebruiksvergoeding worden rekenmodellen toegepast waarin variabelen zoals treingewicht, gemaakte kilometers en het aantal halteringen aan perrons zijn opgenomen.

Proces

De tarieven voor de gebruiksvergoeding worden ruim een jaar van te voren bekendgemaakt in de zogeheten concept netverklaring. Deze verschijnt jaarlijks in september. Vervoerders hebben dan 6 weken de tijd om hun zienswijzen hierop in te dienen bij ProRail. In december stelt ProRail de definitieve Netverklaring vast met de tarieven voor de gebruiksvergoeding. Als vervoerders na vaststelling het niet eens zijn met de tarieven, kunnen zij een klacht indienen bij de Autoriteit Consument en Markt (ACM). De ACM toetst dan of ProRail zich aan de wet- en regelgeving heeft gehouden en of ProRail niet bepaalde categorieën vervoerders onterecht bevoor- of benadeelt.

Tarieven 2016-2018

De tarieven gebruiksvergoeding blijven komende jaren nagenoeg stabiel. Per vervoerder kunnen de tarieven echter verschillend uitpakken. Dit is namelijk afhankelijk van de mate waarin een vervoerder verschillende diensten afneemt.

Voor 2018 passen we nog de huidige systematiek toe voor berekening van de vergoedingen. Op dit moment werken we, in nauwe samenwerking met de vervoerders, aan een nieuwe systematiek voor berekening van de tarieven. Aanleiding hiervoor zijn nieuwe Europese Richtlijnen voor spoorbeheerders. Lees meer over deze nieuwe methode in deze brief van Staatssecretaris Dijksma die zij onlangs naar de Tweede Kamer stuurde.

Goederenvervoer

Bij het goederenvervoer maakt 80 procent van de goederentreinen, die van de Rotterdamse Haven naar Duitsland rijden, gebruik van de Betuweroute. De goederenspoorlijn Betuweroute kent eigen tarieven voor het gebruik. Deze tarieven blijven nagenoeg gelijk. Vanwege werkzaamheden in Duitsland kan de Betuweroute de komende jaren niet altijd optimaal gebruikt worden. Goederentreinen rijden dan om via het reizigersspoor. Door het omrijden betalen goederenvervoerders meer gebruiksvergoeding. Voor deze meerkosten heeft het Ministerie van Infrastructuur en Milieu een subsidieregeling in het leven geroepen ter compensatie voor goederenvervoerders.