Interview

De puzzel van Waalhaven Zuid

Hoe maak je een onmogelijk project toch uitvoerbaar? Na jaren van voorbereiding staat Waalhaven Zuid, met de gunning aan VolkerRail, aan de vooravond van het echte werk. Maar hoe voer je een project uit waarin álles samenkomt; van techniek en veiligheid tot ruimtegebrek en continu doorgaand treinverkeer? Technisch projectleiders Jeroen Vloemans en Robbert Turkenburg weten hoe complex die puzzel was. “Dit is geen project dat je in één rechte lijn kunt ontwerpen,” zegt Jeroen, “alles grijpt in elkaar.”

Wil je meer verhalen over spoorgoederenvervoer lezen? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief.

Ontwerpen in 3D en 60 werkpakketten

Om grip te houden op die complexiteit, werd het project opgeknipt in meer dan zestig werkpakketten. “Dat klinkt overzichtelijk, maar het risico is dat iedereen alleen naar zijn eigen deel kijkt”, zegt Jeroen. “Terwijl het juist gaat om de samenhang.” Daarom werd zwaar ingezet op integraliteit. Met behulp van BIM (Building Information Model) werd het hele emplacement in 3D ontworpen. “We hebben de bestaande situatie volledig ingescand”, vertelt Robbert. “Zo konden we zien waar disciplines elkaar in de weg zitten.” Het 3D- en GIS-model maakte het bovendien mogelijk dat betrokken partijen niet steeds naar de Waalhaven hoefden af te reizen.

Tegelijkertijd is er veel aandacht besteed aan het gestructureerd vastleggen en beheersen van eisen en ontwerpkeuzes. “We hebben besluiten we zo veel mogelijk aan de voorkant scherp gemaakt en expliciet vastgelegd, zodat we een dossier opbouwen waar je altijd op kunt teruggrijpen.” Ook werd intensief samengewerkt met ingenieursbureau Arcadis. “We zaten elke twee weken bij elkaar om knelpunten direct op te lossen. Zo voorkom je dat problemen zich opstapelen.”

We hebben de bestaande situatie volledig ingescand.

Robbert Turkenburg technisch projectleider bij ProRail

Een ‘postzegel’ vol techniek

Het emplacement Waalhaven Zuid is letterlijk en figuurlijk een puzzel. “Je werkt op een relatief klein terrein dat al volledig in gebruik is”, legt Robbert uit. “En midden op die ‘postzegel’ moeten we een ingrijpende aanpassing doen.” Die aanpassing raakt vrijwel alle disciplines: spoor, bovenleiding, beveiliging, kabels en leidingen, brandblusvoorzieningen en (over)wegen. “Het is eigenlijk een dwarsdoorsnede van alles wat we doen, behalve bruggen, tunnels en een station. Daar zit ook meteen de uitdaging: alles moet op elkaar aansluiten. En daarbij komt ook nog dat treinen zoveel mogelijk moeten blijven rijden.”

Innovatie als doorbraak

Ondanks die aanpak liep het project op een cruciaal punt toch vast. “Er waren onderdelen in het ontwerp waar we simpelweg niet uitkwamen”, legt Jeroen uit. “Bijvoorbeeld de beveiliging van calamiteitenoverwegen.” Die wegen worden gebruikt door verschillende partijen, zoals de bedrijfsbrandweer en incidentenbestrijding. Hun belangen bleken lastig te verenigen met bestaande voorschriften. “Er was geen standaardoplossing die voor iedereen werkte. En dat leidde tot een impasse.”

De oplossing kwam uiteindelijk in de vorm van een nieuw innovatief type beveiligingsinstallatie, de AWi-D: Automatisch Waarschuwingsinstallatie Dienstoverwegen. Volgens Robbert was dat een cruciaal moment. “Vanaf dat punt werd het ontwerp weer maakbaar. Projectmanager Rien Nederveen heeft bovendien intensief geïnvesteerd in het vinden van de juiste escalatielijnen. Dat maakt dat we nu snel schakelen met de juiste mensen als dat nodig is. Iets wat in de volgende fase cruciaal wordt.”

Het makkelijkste zou zijn om alles stil te leggen en in één keer om te bouwen. Maar dat kan niet.

Jeroen Vloemans technisch projectleider bij ProRail

Bouwen met de winkel open

Een van de grootste uitdagingen komt echter nog: de uitvoering. De treinen blijven gewoon rijden, wat alles complexer maakt. Jeroen vult aan: “Het makkelijkste zou zijn om alles stil te leggen en in één keer om te bouwen. Maar dat kan hier niet.” Dat betekent: werken met tijdelijke voorzieningen, gefaseerde buitendienststellingen en strikte afstemming met bevoegde instanties. “Elke tijdelijke oplossing moet worden goedgekeurd”, vertelt hij. “Dat wordt een intensief traject.” Ook gaan we er, samen met vervoerders en de aannemer, alles aan doen om de impact op het treinverkeer zo klein mogelijk te houden. Vervoerders worden tijdig geïnformeerd, gedurende de hele verbouwing, zodat zij zich zo goed mogelijk kunnen voorbereiden.

Trots op wat er staat

Als het project klaar is, merken goederenvervoerders direct het verschil. “Het hele afhandelingsproces wordt efficiënter”, zegt Jeroen. “Treinen kunnen sneller vertrekken en er is meer capaciteit.” Terugkijkend overheerst vooral trots bij beiden. “Er waren momenten waarop we serieus twijfelden of het project überhaupt haalbaar was, of dat de planning flink uit de hand zou lopen”, vertelt Robbert. “Maar uiteindelijk hebben we steeds weer een weg vooruit gevonden.” Dat maakt het volgens hem des te bijzonder dat alle belangrijke mijlpalen, zoals de FIS-studies (Functioneel Integraal Systeemontwerp) en railverkeertechnische ontwerpen, uiteindelijk gewoon zoals gepland zijn opgeleverd. Jeroen knikt. “Het is een project dat alles van je vraagt. Juist daarom is het zo mooi dat we het samen hebben weten op te lossen.”

Het spoor verbindt mensen met hun woon- en werkplek. Steden met andere steden. Maar het spoor verbindt ook onze havens met de industriële centra in Europa. Het vervoeren van goederen per spoor heeft veel voordelen: het is veilig, duurzaam en snel. Lees meer.

Dit interview is gepubliceerd op: 14 september 2026