Lente en zomer

ProRail houdt het weerbericht nauwlettend in de gaten, óók in de lente en de zomer. Want onweer, een zomerstorm, hitte of droogte: het kan allemaal invloed hebben op het spoor. Het zomerse weer kan het treinverkeer flink ontregelen. We doen er alles aan om dat te voorkomen.

Onweer

Het Nederlandse spoor heeft zo'n 100.000 keer per jaar te maken met blikseminslag. Gelukkig leidt dat zelden tot problemen. Meestal zorgen bliksemafleiders dat de treinen gewoon kunnen blijven rijden. Dit gaat niet op als de systemen van ProRail beschadigd raken door bliksem. Dat kan een groot deel van het treinverkeer stilleggen, en reparatie kost vaak veel tijd. Daarom laten wij veel systemen dubbel draaien. En zorgen we dat apparatuur maar een klein gebied bedient. Dat verkleint de kans op omvangrijke verstoringen.

Storm

We maken het elke lente en zomer wel een keer mee: een flinke storm. Takken op het spoor en in de bovenleiding zorgen dan voor onveilige situaties. ProRail snoeit en kapt de begroeiing langs het spoor. Zo voorkomen we overlast tijdens harde wind. Wordt er extreem harde wind verwacht? Dan laten we - in overleg met vervoerders - de treinen zachter rijden, of rijden er minder treinen.

Hitte

Bij temperaturen boven de 25 graden, zijn we extra alert. Want aanhoudende hitte kan voor problemen zorgen. Spoorstaven die uitzetten en verbuigen bijvoorbeeld.  Omdat het spoor in de lengte nauwelijks kan uitrekken, kunnen spoorspattingen ontstaan in de vorm van een knik in het spoor. We voorkomen spoorspattingen door te zorgen dat het spoor stabiel ligt en de ballastblokken tot aan de spoorstaven liggen. Ook elektronica kan ontregeld raken, met sein- en wisselstoringen tot gevolg. Vóórdat de zomer begint, plaatsen we daarom koelapparatuur in onze technische ruimtes. En krijgen airconditioners en klimaatapparatuur een extra onderhoudsbeurt. 

Het spoor is géén recreatieplek

Het warme weer brengt ook een onverwacht gevaar met zich mee: 'spoorlopers'. Mensen die de hond uitlaten of bramen plukken langs het spoor. Kinderen die spoorbruggen als duikplank gebruiken. Deze spoorlopers zorgen voor gevaarlijke situaties en vertragingen.

Droogte

Warm lente- en zomerweer betekent vaak ook: droogte. Dat is nóg een reden voor ProRail om extra op te letten. Zo inspecteren we de spoordijken extra op dreigende verzakkingen. Ook nemen we preventieve maatregelen om bermbranden te voorkomen.

Veelgestelde vragen

Hoe vangt ProRail de uitzetting van de spoorrails door warmte op?

Spoorstaven kunnen temperaturen aan van -20 tot +60 graden Celsius. Ze zetten uit door hitte en krimpen door kou. Om die beweging op te vangen gebruikten we voegen tussen de spoorstaven. Tegenwoordig laten we voegloos spoor aanleggen. Dit spoor is gelast tot één stuk. Voegloos spoor kan de spanningen door het uitzetten en krimpen van de metalen spoorstaaf volledig opvangen. Waar het niet mogelijk is om voegloos spoor aan te leggen - bijvoorbeeld op lange bruggen - gebruiken we compensatielassen, kleine openingen tussen de spoorstaven die krimpen uitzetting op kunnen vangen.

Alle veelgestelde vragen over Lente en zomer