Flinke investeringen in Oude Lijn
Nieuws
In de 200 jaar oude spoorlijn tussen Leiden en Dordrecht, de ‘Oude Lijn', wordt flink geïnvesteerd. Zo kan de bereikbaarheid met het openbaar vervoer meegroeien met de verwachte uitbreiding van het aantal woningen en werkplekken.
Betere ontsluiting
Sinds 2019 werkt ProRail, samen met NS, het Rijk en de regio aan het verbeteren van de bereikbaarheid per trein in de zuidelijke Randstad. Dat doen we om circa 200.000 nieuwe woningen en circa 80.000 werkplekken beter te ontsluiten met het openbaar vervoer. Dit is (mede) nodig om de zeer drukke wegen in dit gebied te ontlasten. Er zijn ambitieuze plannen uitgewerkt om nieuwe woon- en werklocaties beter bereikbaar te maken. Hierin wordt de komende 15 jaar flink geïnvesteerd.
Starten met bestaande stations
Gestart wordt met de vernieuwing van een aantal bestaande stations. We vernieuwen Leiden Centraal, Den Haag Laan van NOI en Schiedam Centrum om de groei van treinreizigers aan te kunnen. Ook voor station Dordrecht liggen de plannen klaar. Dit is goed nieuws voor de (toekomstige) treinreiziger én voor de bereikbaarheid van nieuwe woon- en werklocaties.
ProRail start samen met de gemeenten en NS met de planuitwerking voor de bovengenoemde stations. Het gaat dan onder andere om meer capaciteit voor de reizigers, betere overstapmogelijkheden (ook voor het regionaal openbaar vervoer, zoals de bus) en betere fietsvoorzieningen. Ook werken we aan betere fysieke en vooral sociale veiligheid in en rond de stations.
Meer sprinters en vier nieuwe stations
Het onderzoek naar meer sprinters en nieuwe stations loopt nog. ProRail onderzoekt in de MIRT Verkenning Oude Lijn de opening van vier nieuwe stations: Rijswijk Buiten, Schiedam Kethel, Rotterdam Van Nelle en Dordrecht Leerpark. Ook kijken we naar het rijden van meer Sprinters per uur. Dit doen we samen met het Rijk, NS en de regio in de deelstudie City-Sprinter en Nieuwe Stations. Voor de nieuwe stations Schiedam Kethel en Rotterdam Van Nelle zijn twee extra sporen nodig tussen Delft Campus en Schiedam.
Het geld dat nu beschikbaar is, maakt de aanpak van de bestaande stations mogelijk als eerste stap. Maar om ook de frequentieverhoging en de nieuwe stations te realiseren, is meer geld nodig. De besluitvorming over de volgende stappen vindt eind 2026 plaats en is afhankelijk van de dan beschikbaar gestelde middelen.