Ontknoping in Utrecht: meest complexe spoorklus ooit

De laatste hand is gelegd aan de spoorvernieuwing rond Utrecht Centraal. Tegelijkertijd werd gewerkt aan het sluitstuk van De Ontknoping: de spoorverdubbeling tussen Utrecht Centraal en Leidsche Rijn. De sporen zijn ontknoopt, verdubbeld en compleet vernieuwd. Daarmee is er ruimte is voor meer treinen, die sneller het station in- en uit kunnen rijden. Wat kwam er bij dit complexe project kijken? Dat vertelt projectmanager Jaap Balkenende.

De Ontknoping: Luchtbeelden Utrecht Centraal

Uitkauwen

Koortsachtig overleg, puzzelen, uitkauwen. Zo ging het de afgelopen paar jaar week na week, overleg na overleg, vertelt projectmanager Jaap Balkenende van ProRail: "Hoe zorgen we ervoor dat we de hinder zo minimaal mogelijk houden en toch ons werk kunnen uitvoeren? Hoe zorgen we ervoor dat we niet onverwacht het spoor blokkeren, terwijl we beloven dat de treinen maandagochtend vroeg weer rijden?”

Alles blokkeren

Er was geen ontkomen aan: het spooremplacement van Utrecht Centraal moest compleet op de schop om in de toekomst geen 100, maar 150 treinen per uur te kunnen laten rijden. "Het grootste spoorknooppunt van Nederland kun je niet volledig worden platleggen om het werk te doen dat daarvoor nodig is. De klus was te groot en zou Utrecht vele weken compleet blokkeren. Geen optie natuurlijk", zegt Balkenende.

1.333 buitendienststellingen

Sinds augustus 2013 werd een deel van het spoor rond Utrecht voor meestal korte - en soms langere tijd - maar liefst 1.333 keer ‘buitendienst genomen’, zoals dat in spoorjargon heet. Alsof je de Eiffeltoren vernieuwt en elk weekend een staaf vervangt die cruciaal is om de toren overeind te houden.

Hinder voor de reiziger

Steeds kwam het projectteam weer bij elkaar om het werk voor te bereiden, maatregelenpakketten en terugvalscenario’s te bedenken. Mensen van NS, Nedtrain, goederenvervoerders en natuurlijk ProRail vanuit diverse gelederen. De gevolgen van verstoringen op emplacement Utrecht zijn vrijwel altijd impactvol voor de treindienst. De risicosessies om alle risico’s te analyseren en te voorzien van adequate beheersmaatregelen zijn zeer uitgebreid geweest. “Nieuw voor mij waren risicosessies met vervoerders . Die waren met name gericht op het beheersen van de risico’s voor het vervoersproces bij grote indienststellingsstappen. Deze samenwerking op de werkvloer is bijzonder effectief en plezierig geweest, en heeft veel bijgedragen aan het feit dat de ongeplande hinder voor de reiziger gedurende het project beperkt is gebleven.” vertelt Balkenende.

Het budget op orde

Van alles wat Balkenende in zijn lange loopbaan bij de spoorwegen onder handen had, springt DSSU er uit als het gaat om logistieke complexiteit en impact op de treindienst. “Technisch viel het allemaal wel mee. Maar wat een logistieke puzzel! Onze opdracht was niet alleen om de kosten binnen de begroting te krijgen en te houden, maar tegelijk ook om de reiziger zo min mogelijk hinderen. "

Misgegaan

Balkenende: "Soms hadden we in een weekend drie of vier spoortrajecten en perronsporen die los van elkaar weer in dienst kwamen. Daardoor konden er zo snel mogelijk weer meer treinen rijden, soms al in de buitendienststelling zelf. Als dan een van die indienststellingen uitliep, was het alle hens aan dek om de impact voor de reiziger te beperken.

Monteur op kop

“In een buitendienststellingsweekend hadden we soms in meerdere richtingen vervangend busvervoer; en in een bepaalde richting maar één spoor beschikbaar. Als dat ene spoor zou blokkeren, dan zouden de benodigde extra bussen voor vervangend vervoer niet te regelen zijn. Op zulke momenten spraken we af dat er continu treinmonteurs van Nedtrain paraat stonden om een kapotte trein direct te repareren. Wij controleerden tegelijk preventief alle wissels en hadden ook extra storingsmonteurs paraat."

Meer treinen, minder hinder

186 wissels werden er 60, de snelheid van de treinen ging omhoog van 40 naar 80 kilometer per uur. De stiptheid van de treinen is sindsdien gestegen en omwonenden ervaren minder hinder. Bovendien blijft het project binnen budget.

Trots

Balkenende: "Kijk, en voor al die zaken doen we het natuurlijk allemaal. Maar wat ik naast dit resultaat ook vooral zal blijven onthouden is hoe wij als ProRail en NS, met aannemers, ingenieurs en overheden, samen keer op keer de reiziger zo goed mogelijk wisten te bedienen, en tegelijk deze spooroperatie tot een goed einde hebben gebracht. Hier mag Nederland echt trots op zijn. Ik ben het in ieder geval."

 

Gepubliceerd op